10 dingen over de Citroën 2CV die je nog niet wist
Ze rijdt langs en je kunt het niet helpen: je moet glimlachen. De 2CV is zo herkenbaar en misschien wel de meest geliefde auto van Frankrijk. Wij zetten de tien leukste feitjes over de 2CV op een rij.
1. De naam "2CV" heeft niets met pk te maken
De naam staat voor deux chevaux (twee paarden), maar dat verwijst niet naar het motorvermogen. Het gaat om het aantal chevaux fiscaux; een Frans belastingsysteem waarbij ook zaken als versnellingsbak, overbrengingsverhouding en bandenmaat een rol speelden. De eerste 2CV had gewoon een whopping negen pk 😎
2. De prototypes werden verstopt voor de nazi's
Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog waren de prototypes van de 2CV al klaar, maar Citroën weigerde ze in handen van de Duitsers te laten vallen. De auto's werden verstopt: begraven, opgeslagen op zolders, verspreid door het land. Stiekem werd de ontwikkeling tijdens de bezetting gewoon doorgezet.
3. Alle 2CV’s zijn cabrio’s 😎
Alle 2CV's hebben een open dak. Standaard, niet als optie. Dat scheelde metaal - en dus productiekosten - en gewicht. Bovendien konden de mensen op het Franse platteland, waar de auto voor was ontworpen, zo gemakkelijk grote voorwerpen vervoeren. Dakje open, en lekker laten uitsteken die handel.
4. Het ei-criterium
Een van de officiële ontwerpeisen was dat een bestuurder met een mandje eieren over een omgeploegde akker moest kunnen rijden zonder ook maar één ei te breken. Dit was geen grap! Het was het criterium waarmee Citroën een goede vering definieerde.
5. De achterbank is een picknickbank
De achterbank is heel snel en moeiteloos te verwijderen uit de auto. Neem hem mee naar buiten, zet hem in het gras en je hebt een complete picknicksituatie. Spontaan lunchen in de natuur? Pas de problème met een 2CV.
6. Er bestond een 2CV met twee motoren
De 2CV Sahara was een speciale editie en was een volwaardige 4x4. Maar natuurlijk niet via een klassieke vierwielaandrijving (dat zou te doorsnee zijn). De Sahara had twee motoren: één voorin en één achterin, elk met een eigen versnellingsbak en brandstoftank. Je kon ze samen of apart gebruiken. Goed bedacht.
7. Voor- en achtervering werken samen
De vering van de 2CV is uniek: de voor- en achtervering zijn met elkaar verbonden. Gaat het voorwiel over een hobbel, dan past de achtervering zich mee aan. Dat geeft een zachte, egaliserende rijervaring. Ideaal dus voor Franse landweggetjes, die zeker halverwege de 20e eeuw nog niet van denderende kwaliteit waren. En tegenwoordig ideaal voor het nemen van verkeersdrempels 😇.
8. (Bijna) onmogelijk om te laten kantelen
Door de smalle banden en de extreem lange veerweg is het vrijwel onmogelijk om een 2CV te laten kantelen. Je vindt meerdere YouTube-filmpjes waarin mensen het proberen. Wat dat betreft is de Deuche stiekem best veilig.
9. Je stelt de koplampen bij met een draaiknop
Met een kleine draaiknop op het dashboard kun je de stand van de koplampen aanpassen. Want stel je voor dat je even een zware lading moest ophalen uit het dorp verderop, dan wil je natuurlijk niet de tegenliggers verblinden.
10. Zes jaar wachten was normaal
Na de lancering in 1948 was de vraag zo overweldigend dat kopers tot zes jaar op hun 2CV moesten wachten. Tweedehands exemplaren werden daardoor soms duurder verkocht dan nieuwe, want die had je tenminste meteen. Prioriteit kregen: boeren, dorpsdokters, veeartsen en dorpspastoors.
Ben jij ook dol op 2CV’s en andere Franse auto’s? Volg ons dan op Instagram en meld je aan voor onze nieuwsbrief 👇